Nieuwe IOS incasso-procedure moet niet (altijd) gevolgd worden

U wil zo snel mogelijk betaling bekomen van uw openstaande factuur en dit liefst zonder zelf al te veel kosten te moeten maken?

De wetgever heeft hiervoor een nieuwe incasso-procedure ontwikkeld d.i. de zogenaamde IOS-procedure. Na ingebrekestelling wordt er (bij niet betwisting) een proces-verbaal van niet betwisting opgemaakt. Dit PV kan uitvoerbaar worden verklaard zonder tussenkomst van de rechtbank m.a.w. er kon onmiddellijk uitvoerend beslag worden gelegd na afloop van deze IOS procedure.

Echter betekent deze procedure ook een verlies voor de schuldeiser aangezien hij slechts 10 % van de hoofdsom in totaliteit kunnen vorderen en hier dus een gedeelte van zijn kosten en intresten niet kan recupereren. Dit is een nadeel ten aanzien van de gewone incasso procedure. De IOS-procedure gaat in weze ook niet sneller in vergelijking met de gewone incasso dagvaarding en dit gelet op de verplichte wachttermijn na versturen van de ingebrekestelling door de gerechtsdeurwaarder.

Echter indien de algemene voorwaarden van de schuldeiser tegenstelbaar zijn gemaakt (lees: de algemene voorwaarden op een duidelijke manier zijn gecommuniceerd aan de schuldenaar en op de factuur zijn vermeld) blijft de mogelijkheid voor de schuldeiser bestaan om de gewone invorderingsprocedure op te starten.

De rechtbank van koophandel te Dendermonde en Kortrijk hadden het gebruik van de gewone procedure bestraft door het niet toekennen van rechtsplegingsvergoeding aan de eiser en hen tevens te verwijzen tot de kosten. Het hof van beroep te Gent heeft deze rechtspraak integraal hervormd in haar arrest van 24 april 2017.

Indien de gewone invorderingsprocedure nuttig is voor de schuldeiser is er geen enkel bezwaar dat de gewone incassoprocedure wordt aangewend.

Het bestaan van algemene verkoopsvoorwaarden waar wordt voorzien in en conventionele intrestvoet en een schadebeding die in totaal tien procent op de hoofdsom overstijgen, lijkt voor het hof van beroep te Gent voldoende te zijn om voor het klassieke invorderingstraject voor de rechtbank te kiezen.

 

(bron: Juristenkrant, 24 mei 2017, nr. 350, p. 2;)

06. September 2017 by Jef Van Gool
Categories: Nieuws, Publicaties, Uncategorized | Leave a comment